Blijf op de hoogte van onze nieuwsbrief.

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Waregem Be-Part
van 28 augustus 2016 - 12 februari 2017

Thorsten Brinkmann: The Great Cape Rinderhorn

28 08 2016 > 12 02 2017

Thorsten Brinkmann (°1971, Herne, DE) noemt zichzelf een serieverzamelaar. De opslagplaats van zijn atelier herbergt de meest uiteenlopende objecten, die hij gevonden heeft op rommelmarkten, in kringloopwinkels, op straat, op de vuilnisbelt … Deze objets trouvés maken deel uit van de burgerlijke wooncultuur. Hij gebruikt ze om op humoristische wijze te tonen hoe de mens zich vandaag de dag verhoudt tot de objecten die hem omringen. Objecten definiëren onze identiteit en vormen mee onze cultuur, dus wat ons toebehoort is van groot belang. Wij geven vorm aan de objecten die ons omringen en zij geven op hun beurt vorm aan ons. Brinkmann selecteert de objecten die hij gebruikt niet enkel op basis van hun kleur, structuur of vorm. Ze hebben een leeftijdsgrens: ze mogen niet te nieuw zijn en moeten een verhaal vertellen. De gebruikssporen van objecten die al afgeleefd zijn, zijn immers interessant vanwege hun schilderkunstige karakter. Zo combineert hij in één werk objecten uit verschillende periodes, waardoor meerdere tijdsniveaus elkaar overlappen en het werk een zekere vorm van tijdloosheid in zich draagt.

Brinkmann is steeds op zoek naar manieren om de objecten die hij verzamelt te combineren met zijn eigen lichaam. Hij combineert de objecten bijvoorbeeld met afgietsels van zijn lichaamsdelen, of integreert ze in de portretten die hij in zijn installaties verwerkt.
In het selectieproces speelt ook toeval een grote rol. Op speelse wijze selecteert en combineert Brinkmann de objecten in zijn atelier. Dit proces is als het ware te vergelijken met de opbouw van een collage. De resultaten zijn steeds verrassend en getuigen van een grote verbeeldingskracht. De resultaten van dit proces nemen verschillende vormen aan.

Brinkmann speelt met fotografie, beeldhouwkunst, driedimensionale installaties en videokunst. De foto’s die Brinkmann ook in zijn installaties incorporeert, zijn veelal zelfportretten of stillevens en refereren aan de kunstgeschiedenis. Brinkmann laat zich inspireren door de oude meesters van de renaissance. De kleuren, lichtinval, structuren en vormen die hij gebruikt, kijkt hij af van Diego Velázquez, Pieter Claesz en Antoon Van Dyck. Ze verwijzen naar de symbolische kleuren die in hun schilderijen werden gebruikt om de sociale stand van de geportretteerde aan te duiden. Ook het contrast dat Brinkmann toepast en zijn oog voor detail dragen bij tot de schilderachtige esthetiek van deze beelden. De kunstenaar schildert met fotografische middelen. Voor het Belgische oog ligt de link met de portretten van Jan van Eyck onmiddellijk voor de hand. Brinkmann speelt zo in op ons collectieve beeldgeheugen. Niet alleen de oude meesters weten Brinkmann te inspireren, ook de sterren van de moderne mediacultuur en de hedendaagse kunst hebben hun indruk nagelaten. De figuren uit Brinkmanns portretten doen denken aan de helden uit de films van Monty Python, de bizarre creaties van Leigh Bowery en de foto’s van Cindy Sherman. Ook in de titels van zijn werken komen deze verwijzingen naar voren. Titels als Porandi, Hoppetasse Mondrial en Mirobora verwijzen op ludieke wijze naar bekende schilders uit de 20ste eeuw.

Brinkmanns portretten verschillen in één opzicht echter sterk van deze die we kennen uit de schilderkunstige traditie: de kunstenaar gebruikt de objecten om zichzelf onherkenbaar te maken. Zijn gezicht wordt steeds verhuld door een emmer of een ander gebruiksvoorwerp. Het object dat zijn gezicht verbergt, doet dienst als een soort masker. Ook al kunnen we de expressie niet van zijn gezicht aflezen, de objecten drukken volgens Brinkmann evengoed iets uit, ze functioneren als een soort prothese voor expressie. Dit heeft een vervreemdend effect op de toeschouwer. Brinkmann wil zijn werk en zijn persona van elkaar gescheiden houden en schakelt zijn lichaam op die manier gelijk met de objecten die hij verwerkt. Interessant hieraan is ook dat als gevolg van deze anonimiteit zijn zelfportretten in elke cultuur anders geïnterpreteerd worden. Brinkmann opent zo een weg naar meerdere interpretaties. In de Verenigde Staten associeert men zijn portretten vaak met angst en terreur, terwijl ze in landen als Japan en China geassocieerd worden met sadomasochisme. Toen de kunstenaar te gast was in Nigeria, werden zijn foto’s dan weer geassocieerd met de magie van voodoorituelen. Brinkmann maakt op die manier van zijn eigen lichaam een spiegel en biedt de toeschouwer de kans om zichzelf vanuit een ander perspectief te bekijken. Hij nodigt ons uit om stil te staan bij wat we zien en te reflecteren over de objecten die een rol spelen in ons dagelijks leven.

Thorsten Brinckmann: The Great Cape Rinderhorn